Kleine zelfstandige krijgt hoger kostenforfait dan vrije beroeper?

29-11-2017

Niet het hele beroepsinkomen wordt belast. De kosten gemaakt om die inkomsten te behouden of te verwerven mogen worden afgetrokken. Zelfstandigen met winst zitten als enige in de beroepscategorie die verplicht hun werkelijke beroepskosten moeten bewijzen en geen kostenforfait mogen inbrengen. Het gaat bijvoorbeeld om zelfstandige slagers, bakkers, kruideniers, kappers en verzekeringsagenten die werken zonder vennootschap.

In het Zomerakkoord was bepaald dat ook eenmanszaken met winst voor hun inkomsten vanaf 2018 (aanslagjaar 2019) een kostenforfait kunnen gebruiken. Uit de ontwerpteksten blijkt dat het kostenforfait voor werknemers doorgetrokken wordt naar de zelfstandigen met winst, maar alleen naar die zelfstandigen.

Zelfstandigen met baten (vrije beroepen zoals artsen en advocaten) hebben al langer een kostenforfait, maar dat is lager dan dat voor werknemers. Het verschil in behandeling tussen de twee categorieën van zelfstandigen valt moeilijk te verantwoorden. Waarom worden de forfaitaire kosten voor een arts op een lager bedrag bepaald dan die voor een verzekeringsagent?

Tot het aanslagjaar 2015 hadden werknemers en vrije beroepen hetzelfde kostenforfait. Maar door de taxshift is het kostenforfait voor werknemers opgetrokken.

Het orgelpunt wordt volgend jaar bereikt. Voor inkomsten vanaf 1 januari 2018 wordt het kostenforfait berekend aan een uniform tarief van 30 procent van het inkomen met, op basis van de laatst gekende index, een maximum van € 4.620,00. Dat nieuwe, hogere kostenforfait geldt ook voor zelfstandigen met winst. Voor vrije beroepen blijft daarentegen alles bij het oude en wordt gewerkt met percentages per inkomensschijf, met een maximumforfait van € 4.060,00.

Bij een inkomen van € 60.000,00 betaalt een vrije beroeper die kiest voor het forfait € 375,00 meer belasting dan een zelfstandige met winst. Het verschil wordt groter naarmate het inkomen daalt. Met een inkomen van € 30.000,00 betaalt een vrije beroeper € 743,00 euro meer belasting. Het staat de zelfstandigen uiteraard vrij om hun werkelijke kosten te bewijzen.

Wie geen of minder beroepskosten kan aantonen, krijgt automatisch de forfaitaire kostenaftrek.

Keer terug naar