Receptiekosten volgens de liberalen 50% aftrekbaar, voor de Nva 100% aftrekbaar?

In 2018 maakte de (vorige) minister van Financiën een einde aan de aloude discussie over de aftrek van kosten voor catering e.d. op evenementen voor (potentiële) klanten zoals een opendeurdag. Volgens de fiscus gaat het daarbij om receptiekosten, die slechts voor 50% aftrekbaar zijn (of eventueel om restaurantkosten, maar ook die zijn beperkt aftrekbaar). De belastingplichtigen wierpen echter tegen dat die kosten gemaakt worden met een publicitair doel en dus beschouwd moeten worden als reclamekosten. Die zijn voor 100% aftrekbaar als beroepskost.

De vorige minister hakte de knoop door in het voordeel van de belastingplichtige. Hij vond dat u niet zozeer moet kijken naar de aard van de kosten (receptiekosten) maar in de eerste plaats naar het doel van de kosten (reclamekosten). Dus zijn die kosten volledig aftrekbaar als ze een publicitair doel hebben, d.w.z. bedoeld zijn om de verkoop te bevorderen.

Maar begin dit jaar gooide het Hof van Cassatie roet in het eten. Receptiekosten behouden altijd hun aard van receptiekosten, vindt het Hof. Het doel van de kosten speelt geen rol.

De vraag was daarmee natuurlijk welk standpunt nu gevolgd moet worden: dat van de vorige minister of het Hof van Cassatie. Hoewel er nog zoiets bestaat als de beginselen van behoorlijk bestuur, bleek in de praktijk dat de fiscus niet zijn eigen minister volgde maar wel het Hof van Cassatie.

En dat werd officieel bevestigd. De huidige minister van Financiën treedt de fiscus nu bij. Daarmee komt hij terug op het standpunt van de vorige minister. Hij verwijst naar de rechtspraak van Cassatie en verklaart kortweg dat hij het standpunt van zijn voorganger niet kan bijtreden. Een en ander wordt binnenkort nog bevestigd in een circulaire.

Overzicht nieuwsberichten